Adviezen Onderwijsparticipatie

Dordrecht heeft relatief veel voortijdig schoolverlaters. Een vroegtijdige integrale aanpak loont; de gezamenlijke aanpak van rmc, het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs leidt tot meer jongeren met een startkwalificatie en/of een leerwerktraject met toekomstperspectief.

Verzuimers en voortijdig schoolverlaters in Dordrecht
Het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters (vsv’ers) in Dordrecht is in het schooljaar 2012-2013 met 27% afgenomen ten opzichte van het schooljaar daarvoor. Het percentage vsv’ers in Dordrecht (3,3%) ligt echter nog steeds boven het regionaal (2,3%) en het landelijk gemiddelde (2,1%).

Ook absoluut gezien heeft Dordrecht (314) het grootste aantal nieuwe vsv’ers van de regio Zuid-Holland Zuid (totaal 957).

In totaal staan 9.454 jongeren en jongvolwassenen uit Dordrecht  ingeschreven op een school voor voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs (12-23 jaar).

268 van de 314 vsv’ers zijn afkomstig uit het MBO. De grootste groep is 18 jaar (76 vsv’ers). Ook is het aantal vsv’ers onder 19- en 20-jarigen groot (72 en respectievelijk 62). Het merendeel van de vsv’ers is van het mannelijk geslacht.

Tabel 1: Voortijdig schoolverlaters in het MBO schooljaar 2012-2013 (Bron; www.vsvverkenner.nl)

MBO Aantal deelnemers Vsv'ers %vsv Norm
Niveau 1 202 79 39,1% 32,5%
Niveau 2 807 110 13,6% 13,5%
Niveau 3+4 1.932 79 4,1% 4,25%
Totaal 2.941 268 9,1% -

De meeste jongeren uit Dordrecht gaan naar het ROC Da Vinci College Dordrecht (2.072); het Albeda College Rotterdam (454); het Zadkine College Rotterdam (204); het Wellant College (86): De Rooi Pannen in Breda (97) en het Grafisch Lyceum Rotterdam (78).

De grootste groep nieuwe vsv’ers van het Da Vinci College bestaat uit ongediplomeerde af-/doorstromers uit de onderbouw van het voortgezet onderwijs (23,5%), op de voet gevolgd door ongediplomeerde doorstromers uit de bovenbouw vmbo (20,4%).
In de gehele regio Zuid-Holland Zuid hebben in totaal 18 havo-leerlingen ongediplomeerd de school verlaten. Hiervan wonen 9 jongeren in  Dordrecht.

Niet werkende werkzoekende jongeren in Dordrecht gestegen
Het aantal geregistreerde werkzoekende jongeren is in de periode augustus 2012 tot en met augustus 2013 met 110% toegenomen in de Drechtsteden. Dit is een grotere stijging dan landelijk gemiddeld. Er is een relatief sterke stijging onder jongeren met een havo/vwo opleiding van 221% (tabel 2). Er is een stijging van het aantal niet-werkende werkzoekende jongeren van 109% (2013 ten opzichte van 2012) in Dordrecht (tabel 3).

Tabel 2: mutatie niet-werkende werkzoekende jongeren in Drechtsteden (UWV) (Bron: basiscijfers Jeugd, oktober 2013)

Opleidingsniveau Mutatie augustus 2013 - augustus 2012
Basisonderwijs 47%
Vmbo/Mavo 109%
Havo/Vwo 221%
Mbo 1 en 2 109%
Mbo 3 en 4 136%
Hbo/Wo 142%

Tabel 3. Aantal niet-werkende werkzoekende jongeren in Dordrecht (Bron: basiscijfers Jeugd, oktober 2013)

  Aug 2010 Aug 2011 Aug 2012 Aug 2013
Dordrecht 548 312 309 645

Er is een langjarige inzet in Dordrecht op het voorkomen van verzuim en schooluitval in het MBO
De gemeente Dordrecht investeert, ook als contactgemeente voor de regionale aanpak van voortijdig schoolverlaten, langjarig in het verminderen of voorkomen van uitval. Hiertoe heeft het onderwijs een sleutelrol gekregen.

Onderwijs en gemeente zien het belang van een zorgvuldige overstap van vo naar mbo; het bieden van aantrekkelijk onderwijs met toekomstperspectief en het verzorgen van een goede infrastructuur voor kwetsbare doelgroepen.

In de uitwerking hebben de Dienst Gezondheid & Jeugd en het mbo (met name het Da Vinci College) in 2013 een gezamenlijk verzuimprotocol ontwikkeld. Bij een eerste evaluatie blijkt dat het aantal verzuimmeldingen aanmerkelijk is toegenomen. Dit komt  vermoedelijk doordat docenten en onderwijsondersteunend personeel van het Da Vinci College dankzij het protocol het verzuim beter signaleren en beter weten wat te doen bij verzuim.

Aanvullend is de thuiszittersaanpak verscherpt en wordt er ingezet op het ontwikkelen van een uniform beleid met betrekking tot de verzuimaanpak van 18-plussers (in het kader van het landelijke project “We missen je”).

Investeren in het voorkomen van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten loont
Uit recente studies blijkt eens te meer het belang van een startkwalificatie: van de jongeren mét een startkwalificatie heeft na één jaar 72% een baan, van de jongeren zonder startkwalificatie is dat 42%.
De volgende punten zijn daarom van belang:

1. Investering in het voortgezet onderwijs de loopbaanoriëntatie van leerlingen
Een goede start op het mbo is ‘het halve werk’. Een goede studieoriëntatie , waarbij ook het arbeidsmarktperspectief van de opleiding wordt betrokken kan teleurstelling tijdens of na de opleiding voorkomen. Een goede voorbereiding leidt tot een beter perspectief op de toekomst en voorkomt een toename van het aantal niet-werkende werkzoekende jongeren.
 
2. Behoud van reboundvoorzieningen voor potentiële uitvallers
De eisen in het onderwijs nemen toe, maar niet iedereen kan hierin mee. Het aantal ‘overbelaste leerlingen’ neemt toe. Bovendien kunnen in het leven van leerlingen gebeurtenissen plaatsvinden die het risico op verzuim of uitval (tijdelijk) verhogen. Voor deze groepen leerlingen blijken reboundvoor-zieningen bijzonder effectief te zijn. Ervaring leert dat een tijdelijke plaatsing in een reboundvoorziening afstroom en (daardoor) uitstroom kan voorkomen.

3. Stimulering van bovenschoolse samenwerking
In september 2014 is de Wet Passend Onderwijs in werking getreden. De indicatiestelling voor speciaal onderwijs vervalt. Samenwerkingsverbanden zijn verantwoordelijk voor de plaatsing van leerlingen op een passende onderwijsplek in de regio. Ook in het mbo wordt passend onderwijs ingevoerd. Het mbo wordt verantwoordelijk voor de plaatsing van leerlingen op een passende onderwijsplek. Hier gaan passend onderwijs en jeugdbeleid elkaar raken en dienen in elkaars verlengde te gaan liggen. Bovenschoolse samenwerking verdient aanbeveling om een zorgvuldige overstap van leerlingen met zorg te waarborgen.

4. Betrokkenheid bij effectieve arbeidstoeleiding mbo1
Per 1 september start in het mbo de Entreeopleiding, voorzien van bindend studieadvies. Dit vervangt de huidige AKA-opleidingen. In de Entreeopleidingen worden twee uitstroom-profielen gehanteerd: naar mbo2 of naar werk. Dit betekent dat toeleiding naar werk een nadrukkelijke opdracht is in de Entreeopleiding. In de huidige economische situatie is dit evenwel geen gemakkelijke opdracht en is gezamenlijke inspanning vereist. Uitstroom uit Entree (met diploma, maar) zonder werk wordt geteld als vsv. Voor Gemeenten is de effectiviteit van de arbeidstoeleiding rechtstreeks van belang in de beperking van het aantal uitkeringen. Daarom is actieve betrokkenheid gewenst.

5. Schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten op de agenda van een LEA/OGOO
Het verminderen van voortijdig schooluitval vraagt een gezamenlijke inspanning van zowel gemeente (rmc), voortgezet onderwijs en middelbaarberoepsonderwijs. Het gezamenlijk commitment wordt versterkt door er regelmatig over te spreken in het overleg tussen de gemeente en het onderwijsveld (LEA/OOGO), waarbij aandacht is voor de zorgstructuur, de aanpak schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten.

Bronnen

Contactinfo

  • 078 - 770 85 00
    Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
    Karel Lotsyweg 40

Sociale media

Volg ons op facebook of twitter

Volg ons Facebook Volg ons op Twitter

Deel deze pagina

Om deze pagina te delen via jouw eigen sociale media kanaal

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn